
U bent verantwoordelijk voor de veiligheid van uw medewerkers en gasten in uw bedrijf. Daarom stellen verzekeraars en de Arbo wet de aanwezigheid van kleine brandblusmiddelen voor ieder bedrijf verplicht. De blusmiddelen dienen jaarlijks te worden gecontroleerd op basis van de NEN door een REOB gecertificeerd bedrijf.
Neem contact met ons op voor een vrijblijvend beveiligingsadvies.
OVERZICHT BRANDBLUSMIDDELEN
Poederblussers hebben een zeer hoge bluscapaciteit en kunnen universeel ingezet worden voor het blussen van de brandklassen A, B en C. Bovendien kan hiermee onder spanning staande apparatuur geblust worden. Er moet echter wel rekening gehouden worden met de gevolg schade bij het gebruik van poederblussers op bijvoorbeeld elektronische- en fijnmechanische apparatuur. Poederblussers moeten daarom alleen toegepast worden waar de brand snel en en de doeltreffend moet worden geblust nevenschade van ondergeschikt belang is. Toepassing: chemische- en petrochemische industrie, on/offshore, wegvervoer et cetera.
BioClass Schuimblussers
BioClass Schuimblussers zijn vrijwel overal inzetbaar, zeer gebruiksvriendelijk en effectief. Bovendien is de nevenschade die ontstaat vrijwel nihil. De blusstof is niet toxisch en niet milieubelastend. Schuimblussers zijn geschikt voor het blussen van de brandklassen A en B en zijn in verschillende uitvoeringen leverbaar. Toepassing: woningen, kantoorruimten, ziekenhuizen, laboratoria, werkplaatsen, openbare gebouwen, keukens, kantines, auto’s, caravans, boten.
NIEUW IN HET ASSORTIMENT DE VETBRANDBLUSSER VOOR HORECA EN KANTINES !!!

CO2 Blusser

Koolzuursneeuwblussers, ook wel CO2-blussers genoemd, zijn geschikt voor het blussen van vloeistofbranden (brandklasse B) en branden in onder spanning staande apparatuur. Het grootste voordeel van een koolzuursneeuwblusser is dat de blusstof (CO2) geen reststoffen achterlaat bij gebruik. CO2 kan daarom onder meer worden toegepast bij hoogwaardig elektronische apparatuur waar niet geblust mag worden met op water gebaseerde blusstoffen zoals sproeischuim. Toepassing: hoogspanningsinstallaties, computerruimten, laboratoria, grafische industrie, keukens et cetera.
Blusdeken

Door bij iedere mogelijke brandhaard een blusdeken te monteren is het vrij éénvoudig om, zonder restschade, een brand te blussen. Kleine (beginnende) brandjes, kunnen met succes gedoofd worden door de blusdeken over de brandhaard uit te spreiden. Een blusdeken kan in principe door één persoon gehanteerd worden zonder daarbij gevaar te lopen.
Aantallen en keuze van blusmiddelen
Blustoestellen moeten in het gebouw zodanig worden geplaatst dat bij een calamiteit het blustoestel zo snel mogelijk kan worden ingezet. Blustoestellen moeten zichtbaar en bereikbaar zijn. In de praktijk betekent dit dat de locatie van het blustoestel met een pictogram moet worden aangeduid, dat de loopafstand naar een blustoestel niet meer dan 30 meter bedraagt en de onderlinge afstand niet meer dan 60 meter is. Blussers die los op de grond staan raken zoek. Hang daarom de blusser altijd op met de bijgeleverde ophangbeugel.
Hang de blusser niet te hoog. Hang blussers dicht bij uitgangen. Brandgevaarlijke ruimten en objecten vragen extra blustoestellen. Geen voorwerpen voor of tegen de blussers plaatsen.
Projectering van blusmiddelen
De projectering van blustoestellen is maatwerk. Een richtlijn vanuit de verzekeringswereld is één blustoestel (inhoud: 6 liter sproeischuim, 9 liter water, 6 kg poeder of 5kg CO2) per 150 m2 en minimaal twee per verdieping. Wanneer brandgevaarlijke werkzaamheden worden verricht of brandbare stoffen worden opgeslagen, is de eis één blustoestel per 100m2 en minimaal drie per verdieping. Voor verdiepingen kleiner dan 100m2 en vrijstaande gebouwen kleiner dan 50m2, die uitsluitend voor opslag van ongevaarlijke goederen, als kantoor of als kantine (zonder keuken) worden gebruikt, is één blustoestel per verdieping voldoende.
Branden van vaste stoffen, in hoofdzaak organisch, die normaal gesproken onder gloedvorming verbranden: hout, papier, textiel, rubber.
Branden van vloeistof of tot vloeistof geworden stoffen: benzine, benzol, olie, vet, lakken, teer, alcohol
Branden van gassen: methaan, propaan, waterstof, acetyleen, aardgas